
Bij leidingen met tweerichtingsstroming worden twee pijlen in tegengestelde richtingen aangebracht op de leidingmarkering. Dit geeft direct aan dat het medium in beide richtingen kan stromen, afhankelijk van de procesconditie of bedrijfssituatie. De ISO 20560-norm voor leidingmarkering biedt hiervoor de richtlijn. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over markeringsrichtingen, plaatsingsregels en materiaalkeuze.
Wat zeggen de normen over stroomrichtingaanduiding?
De internationale norm ISO 20560 schrijft voor dat leidingmarkeringen altijd een pijl moeten bevatten die de stroomrichting van het medium aangeeft. Bij tweerichtingsstroming worden twee pijlen toegepast die elk een andere richting aangeven. De norm bepaalt ook kleurcodering, tekstgrootte en plaatsingsfrequentie, zodat de markering consistent en herkenbaar is in industriële omgevingen.
ISO 20560 vervangt in veel Europese landen de oudere nationale normen en biedt een eenduidig kader voor het identificeren van leidingen. De norm onderscheidt basiskleurcodes per mediumgroep, zoals geel voor brandbare gassen, groen voor water en oranje voor zuren. De pijl maakt onderdeel uit van het volledige markeringssysteem en is geen optionele toevoeging.
Naast ISO 20560 kunnen aanvullende sectorspecifieke richtlijnen gelden, zoals NEN-normen in de Nederlandse procesindustrie of ATEX-gerelateerde eisen in explosiegevaarlijke zones. In zulke omgevingen wordt de basisnorm aangevuld met extra symbolen of kleurcodes. Het is dan ook verstandig om bij het opstellen van een markeringssysteem altijd de sectorspecifieke regelgeving naast de algemene norm te leggen.
Welke markeringsopties zijn er bij tweerichtingsstroming?
Bij tweerichtingsstroming zijn er drie gangbare markeringsopties: twee afzonderlijke pijlen in tegengestelde richtingen op één label, een dubbele pijl als enkel symbool, of twee aparte labels die elk een richting aangeven. De meest toegepaste en normconforme oplossing is het gebruik van twee pijlen op één markering, zodat de informatie in één oogopslag leesbaar is.
De keuze tussen deze opties hangt af van de beschikbare ruimte op de leiding, de leesbaarheid op afstand en de interne huisstijl van het markeringssysteem. In de praktijk kiezen veel industriële organisaties voor een gecombineerd label met twee pijlen, omdat dit de meest compacte en duidelijke weergave biedt zonder dat er meerdere labels naast elkaar hoeven te worden aangebracht.
Sommige organisaties kiezen er ook voor om de richting tekstueel te verduidelijken, bijvoorbeeld met de aanduiding “wisselend” of “reversibel”. Dit is met name nuttig wanneer operators niet altijd direct kunnen zien in welke richting het medium op dat moment stroomt. De tekstuele aanvulling vergroot de veiligheid bij onderhoudswerkzaamheden en inspecties.
Waar op de leiding worden de richtingspijlen geplaatst?
Richtingspijlen worden geplaatst op elke locatie waar een operator of technicus de leiding moet kunnen identificeren. Dit geldt in ieder geval bij kruispunten, kleppen, appendages, doorgangen door wanden en vloeren, en aan beide zijden van isolatie. Hoe vaak leidingmarkering precies moet worden aangebracht, hangt af van de leidinglengte en de complexiteit van de installatie.
Als algemene richtlijn wordt aangehouden dat markeringen op rechte leidingsecties worden herhaald met een tussenafstand van maximaal vijf tot tien meter, afhankelijk van de overzichtelijkheid van de omgeving. In drukke installatieruimtes met veel leidingen naast elkaar wordt een kortere afstand aanbevolen, zodat er nooit twijfel bestaat over welke leiding welk medium bevat.
De pijl wordt bij voorkeur geplaatst naast of als onderdeel van het kleurlabel, zodat medium en stroomrichting in één markering worden gecombineerd. Dit beperkt het aantal afzonderlijke labels en maakt het systeem overzichtelijker. Bij tweerichtingsstroming worden de twee pijlen op dezelfde positie als het kleurlabel aangebracht, nooit op een aparte locatie verderop op de leiding.
Hoe verschilt markering bij tweerichtingsstroming van eenrichtingsstroming?
Bij eenrichtingsstroming volstaat één pijl die de vaste stromingsrichting aangeeft. Bij tweerichtingsstroming zijn twee pijlen noodzakelijk om de variabele richting correct weer te geven. Het verschil zit niet alleen in het aantal pijlen, maar ook in de informatie die de markering overdraagt: bij tweerichtingsstroming signaleert de markering actief dat de stroomrichting kan wisselen.
Dit onderscheid is operationeel relevant. Een technicus die een klep bedient of een leiding afkoppelt, moet weten of het medium altijd in dezelfde richting stroomt of dat dit afhankelijk is van de processtand. Een onjuiste aanname kan leiden tot onveilige situaties, zeker bij gevaarlijke media zoals stoom, zuren of brandbare gassen.
Vanuit ontwerpperspectief vereist tweerichtingsmarkering ook meer aandacht bij het opstellen van het markeringssysteem. De legenda of kleurenkaart van de installatie moet expliciet vermelden welke leidingen reversibel zijn. Dit voorkomt verwarring bij nieuwe medewerkers of externe aannemers die niet vertrouwd zijn met de specifieke procesopzet.
Welke materialen zijn geschikt voor leidingmarkeringen in industriële omgevingen?
Voor industriële leidingmarkeringen zijn vinyl en polyester de meest geschikte materialen. Vinyl biedt goede hechting op cilindrische oppervlakken en is bestand tegen vocht en reinigingsmiddelen. Polyester is de voorkeurskeuze in omgevingen met chemicaliën, hoge temperaturen of UV-blootstelling, omdat het materiaal dimensioneel stabiel blijft en de opdruk langdurig leesbaar houdt.
Papieren labels zijn in industriële omgevingen niet geschikt voor leidingmarkering. Ze lossen op bij contact met vocht, laten los bij temperatuurwisselingen en zijn niet bestand tegen chemische reinigingsmiddelen. Vinyl en polyester bieden de duurzaamheid die nodig is om leidingmarkeringen gedurende de gehele levensduur van een installatie leesbaar en bevestigd te houden.
Bij het kiezen van het juiste materiaal spelen de volgende factoren een rol:
- Omgevingstemperatuur: hogere temperaturen vereisen hittebestendig polyester of gespecialiseerde tapes
- Chemische blootstelling: zuren, oplosmiddelen en reinigingsmiddelen vragen om chemisch-bestendige materialen
- Leidingoppervlak: ruwe, gecoate of gechroomde oppervlakken vereisen een specifieke hechtlaag
- Buitentoepassing: UV-bestendige materialen voorkomen verkleuring en slijtage door zonlicht
- Reinigingsfrequentie: in de voedingsindustrie en farmaceutische sector zijn materialen nodig die bestand zijn tegen intensieve reinigingsprotocollen
Wij bieden een breed assortiment industriële tapes en printlinten, waaronder high-tack vinyl en chemisch-bestendig polyester, specifiek ontwikkeld voor langdurige leidingidentificatie in zware omstandigheden.
Wanneer is een extra symbool of tekst verplicht naast de pijl?
Een extra symbool of tekst is verplicht wanneer de pijl alleen onvoldoende informatie geeft over de aard of het gevaar van het medium. Dit geldt bij gevaarlijke stoffen waarvoor GHS- of CLP-pictogrammen verplicht zijn, bij explosiegevaarlijke zones, en bij leidingen die meerdere media kunnen bevatten afhankelijk van de processtand. De norm ISO 20560 schrijft voor wanneer aanvullende informatie noodzakelijk is.
In de praktijk worden naast de pijl ook de volgende elementen toegevoegd wanneer de situatie dat vereist:
- Mediumbenaming: de naam of afkorting van het medium in leesbare tekst
- GHS-pictogrammen: verplicht bij gevaarlijke stoffen conform de CLP-verordening
- Druk- of temperatuurindicatie: bij hogedruk- of hogetemperatuurleidingen
- Kleurcodering: conform ISO 20560 of interne kleurenstandaard
- Waarschuwingstekst: zoals “HEET” of “ONDER DRUK” bij direct gevaar bij aanraking
Voor leidingen met gevaarlijke media verwijzen we ook graag naar onze GHS-etiketten, die voldoen aan de Europese CLP-verordening en eenvoudig gecombineerd kunnen worden met leidingmarkeringen. De combinatie van een correcte pijl, kleurlabel en GHS-pictogram zorgt voor een volledig normatief markeringssysteem dat zowel operators als inspecteurs direct de juiste informatie geeft.
Hoe Rebo Systems helpt met leidingmarkering bij tweerichtingsstroming
Leidingmarkeringen voor tweerichtingsstroming stellen specifieke eisen aan zowel het ontwerp als het materiaal. Wij ondersteunen industriële organisaties bij het opzetten van een volledig, normconform markeringssysteem dat ook bij wisselende stroomrichtingen altijd duidelijk en leesbaar blijft. Dit doen we op de volgende manieren:
- Duurzame materialen: wij leveren vinyl en polyester labels die bestand zijn tegen chemicaliën, hoge temperaturen en intensieve reiniging
- Printsystemen voor maatwerk: met onze SMS-printers kunnen operators ter plaatse labels aanmaken met de juiste pijlrichting, kleurcodering en tekst
- Normconform aanbod: ons assortiment is afgestemd op ISO 20560 en aanverwante Europese normen
- Persoonlijk advies: onze adviseurs denken mee over de meest praktische en overzichtelijke opzet van uw markeringssysteem
- Complete identificatieoplossingen: van leidingmarkering tot GHS-labels en vloermarkering, alles uit één hand
Wilt u weten hoe wij uw leidingmarkeringssysteem kunnen verbeteren of vernieuwen? Neem contact op met een van onze adviseurs. We helpen u graag verder met een oplossing die past bij uw installatie, uw sector en de geldende normen.

Bij leidingen met tweerichtingsstroming worden twee pijlen in tegengestelde richtingen aangebracht op de leidingmarkering. Dit geeft direct aan dat het medium in beide richtingen kan stromen, afhankelijk van de procesconditie of bedrijfssituatie. De ISO 20560-norm voor leidingmarkering biedt hiervoor de richtlijn. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over markeringsrichtingen, plaatsingsregels en materiaalkeuze.
Wat zeggen de normen over stroomrichtingaanduiding?
De internationale norm ISO 20560 schrijft voor dat leidingmarkeringen altijd een pijl moeten bevatten die de stroomrichting van het medium aangeeft. Bij tweerichtingsstroming worden twee pijlen toegepast die elk een andere richting aangeven. De norm bepaalt ook kleurcodering, tekstgrootte en plaatsingsfrequentie, zodat de markering consistent en herkenbaar is in industriële omgevingen.
ISO 20560 vervangt in veel Europese landen de oudere nationale normen en biedt een eenduidig kader voor het identificeren van leidingen. De norm onderscheidt basiskleurcodes per mediumgroep, zoals geel voor brandbare gassen, groen voor water en oranje voor zuren. De pijl maakt onderdeel uit van het volledige markeringssysteem en is geen optionele toevoeging.
Naast ISO 20560 kunnen aanvullende sectorspecifieke richtlijnen gelden, zoals NEN-normen in de Nederlandse procesindustrie of ATEX-gerelateerde eisen in explosiegevaarlijke zones. In zulke omgevingen wordt de basisnorm aangevuld met extra symbolen of kleurcodes. Het is dan ook verstandig om bij het opstellen van een markeringssysteem altijd de sectorspecifieke regelgeving naast de algemene norm te leggen.
Welke markeringsopties zijn er bij tweerichtingsstroming?
Bij tweerichtingsstroming zijn er drie gangbare markeringsopties: twee afzonderlijke pijlen in tegengestelde richtingen op één label, een dubbele pijl als enkel symbool, of twee aparte labels die elk een richting aangeven. De meest toegepaste en normconforme oplossing is het gebruik van twee pijlen op één markering, zodat de informatie in één oogopslag leesbaar is.
De keuze tussen deze opties hangt af van de beschikbare ruimte op de leiding, de leesbaarheid op afstand en de interne huisstijl van het markeringssysteem. In de praktijk kiezen veel industriële organisaties voor een gecombineerd label met twee pijlen, omdat dit de meest compacte en duidelijke weergave biedt zonder dat er meerdere labels naast elkaar hoeven te worden aangebracht.
Sommige organisaties kiezen er ook voor om de richting tekstueel te verduidelijken, bijvoorbeeld met de aanduiding “wisselend” of “reversibel”. Dit is met name nuttig wanneer operators niet altijd direct kunnen zien in welke richting het medium op dat moment stroomt. De tekstuele aanvulling vergroot de veiligheid bij onderhoudswerkzaamheden en inspecties.
Waar op de leiding worden de richtingspijlen geplaatst?
Richtingspijlen worden geplaatst op elke locatie waar een operator of technicus de leiding moet kunnen identificeren. Dit geldt in ieder geval bij kruispunten, kleppen, appendages, doorgangen door wanden en vloeren, en aan beide zijden van isolatie. Hoe vaak leidingmarkering precies moet worden aangebracht, hangt af van de leidinglengte en de complexiteit van de installatie.
Als algemene richtlijn wordt aangehouden dat markeringen op rechte leidingsecties worden herhaald met een tussenafstand van maximaal vijf tot tien meter, afhankelijk van de overzichtelijkheid van de omgeving. In drukke installatieruimtes met veel leidingen naast elkaar wordt een kortere afstand aanbevolen, zodat er nooit twijfel bestaat over welke leiding welk medium bevat.
De pijl wordt bij voorkeur geplaatst naast of als onderdeel van het kleurlabel, zodat medium en stroomrichting in één markering worden gecombineerd. Dit beperkt het aantal afzonderlijke labels en maakt het systeem overzichtelijker. Bij tweerichtingsstroming worden de twee pijlen op dezelfde positie als het kleurlabel aangebracht, nooit op een aparte locatie verderop op de leiding.
Hoe verschilt markering bij tweerichtingsstroming van eenrichtingsstroming?
Bij eenrichtingsstroming volstaat één pijl die de vaste stromingsrichting aangeeft. Bij tweerichtingsstroming zijn twee pijlen noodzakelijk om de variabele richting correct weer te geven. Het verschil zit niet alleen in het aantal pijlen, maar ook in de informatie die de markering overdraagt: bij tweerichtingsstroming signaleert de markering actief dat de stroomrichting kan wisselen.
Dit onderscheid is operationeel relevant. Een technicus die een klep bedient of een leiding afkoppelt, moet weten of het medium altijd in dezelfde richting stroomt of dat dit afhankelijk is van de processtand. Een onjuiste aanname kan leiden tot onveilige situaties, zeker bij gevaarlijke media zoals stoom, zuren of brandbare gassen.
Vanuit ontwerpperspectief vereist tweerichtingsmarkering ook meer aandacht bij het opstellen van het markeringssysteem. De legenda of kleurenkaart van de installatie moet expliciet vermelden welke leidingen reversibel zijn. Dit voorkomt verwarring bij nieuwe medewerkers of externe aannemers die niet vertrouwd zijn met de specifieke procesopzet.
Welke materialen zijn geschikt voor leidingmarkeringen in industriële omgevingen?
Voor industriële leidingmarkeringen zijn vinyl en polyester de meest geschikte materialen. Vinyl biedt goede hechting op cilindrische oppervlakken en is bestand tegen vocht en reinigingsmiddelen. Polyester is de voorkeurskeuze in omgevingen met chemicaliën, hoge temperaturen of UV-blootstelling, omdat het materiaal dimensioneel stabiel blijft en de opdruk langdurig leesbaar houdt.
Papieren labels zijn in industriële omgevingen niet geschikt voor leidingmarkering. Ze lossen op bij contact met vocht, laten los bij temperatuurwisselingen en zijn niet bestand tegen chemische reinigingsmiddelen. Vinyl en polyester bieden de duurzaamheid die nodig is om leidingmarkeringen gedurende de gehele levensduur van een installatie leesbaar en bevestigd te houden.
Bij het kiezen van het juiste materiaal spelen de volgende factoren een rol:
- Omgevingstemperatuur: hogere temperaturen vereisen hittebestendig polyester of gespecialiseerde tapes
- Chemische blootstelling: zuren, oplosmiddelen en reinigingsmiddelen vragen om chemisch-bestendige materialen
- Leidingoppervlak: ruwe, gecoate of gechroomde oppervlakken vereisen een specifieke hechtlaag
- Buitentoepassing: UV-bestendige materialen voorkomen verkleuring en slijtage door zonlicht
- Reinigingsfrequentie: in de voedingsindustrie en farmaceutische sector zijn materialen nodig die bestand zijn tegen intensieve reinigingsprotocollen
Wij bieden een breed assortiment industriële tapes en printlinten, waaronder high-tack vinyl en chemisch-bestendig polyester, specifiek ontwikkeld voor langdurige leidingidentificatie in zware omstandigheden.
Wanneer is een extra symbool of tekst verplicht naast de pijl?
Een extra symbool of tekst is verplicht wanneer de pijl alleen onvoldoende informatie geeft over de aard of het gevaar van het medium. Dit geldt bij gevaarlijke stoffen waarvoor GHS- of CLP-pictogrammen verplicht zijn, bij explosiegevaarlijke zones, en bij leidingen die meerdere media kunnen bevatten afhankelijk van de processtand. De norm ISO 20560 schrijft voor wanneer aanvullende informatie noodzakelijk is.
In de praktijk worden naast de pijl ook de volgende elementen toegevoegd wanneer de situatie dat vereist:
- Mediumbenaming: de naam of afkorting van het medium in leesbare tekst
- GHS-pictogrammen: verplicht bij gevaarlijke stoffen conform de CLP-verordening
- Druk- of temperatuurindicatie: bij hogedruk- of hogetemperatuurleidingen
- Kleurcodering: conform ISO 20560 of interne kleurenstandaard
- Waarschuwingstekst: zoals “HEET” of “ONDER DRUK” bij direct gevaar bij aanraking
Voor leidingen met gevaarlijke media verwijzen we ook graag naar onze GHS-etiketten, die voldoen aan de Europese CLP-verordening en eenvoudig gecombineerd kunnen worden met leidingmarkeringen. De combinatie van een correcte pijl, kleurlabel en GHS-pictogram zorgt voor een volledig normatief markeringssysteem dat zowel operators als inspecteurs direct de juiste informatie geeft.
Hoe Rebo Systems helpt met leidingmarkering bij tweerichtingsstroming
Leidingmarkeringen voor tweerichtingsstroming stellen specifieke eisen aan zowel het ontwerp als het materiaal. Wij ondersteunen industriële organisaties bij het opzetten van een volledig, normconform markeringssysteem dat ook bij wisselende stroomrichtingen altijd duidelijk en leesbaar blijft. Dit doen we op de volgende manieren:
- Duurzame materialen: wij leveren vinyl en polyester labels die bestand zijn tegen chemicaliën, hoge temperaturen en intensieve reiniging
- Printsystemen voor maatwerk: met onze SMS-printers kunnen operators ter plaatse labels aanmaken met de juiste pijlrichting, kleurcodering en tekst
- Normconform aanbod: ons assortiment is afgestemd op ISO 20560 en aanverwante Europese normen
- Persoonlijk advies: onze adviseurs denken mee over de meest praktische en overzichtelijke opzet van uw markeringssysteem
- Complete identificatieoplossingen: van leidingmarkering tot GHS-labels en vloermarkering, alles uit één hand
Wilt u weten hoe wij uw leidingmarkeringssysteem kunnen verbeteren of vernieuwen? Neem contact op met een van onze adviseurs. We helpen u graag verder met een oplossing die past bij uw installatie, uw sector en de geldende normen.





























































